

07.10.2008
Wie altijd gelukkig, enthousiaist en harmonieus door zijn leven en carrière glijdt, is saai en wordt nooit wijzer.
‘Ik ben klaar!’ Dat zei één van mijn vroegere vrienden regelmatig. Hij bedoelde dan dat hij de meest pijnlijke of schokkende zaken uit zijn jeugd wel zo ongeveer had verwerkt en dat het gelukkige leven nu eindelijk was begonnen en welhaast voor eeuwig. En ik was dan altijd buitengewoon verbaasd over deze uitspraak.
Hoe is het mogelijk dat iemand zo weinig met het leven te verhapstukken heeft? Het kan gaan om mensen op wie het enneagramtype 7 van toepassing is: de levensgenieter. Die is als het ware verplicht enthousiast. Hij is aan het eind van de dag moe van zijn eigen enthousiasme.
Heeft hij wel eens problemen? Nee, natuurlijk niet, hij heeft het altijd naar zijn zin. Is hij wel eens ongelukkig? Nou, eigenlijk bijna nooit. ‘Het leven gaat me echt van een leien dakje, geloof me.’ Houdt hij aspecten van hem diep voor zichzelf verborgen? Nee, hij zou niet weten welke. En trouwens, hij snapt niet waar anderen zich zo druk om maken.
Ik moet bekennen dat ik wat allergisch ben voor dit soort mensen. Ik geloof ze niet. Ik geef er geen cent voor. Ik zie niet dat ze wijzer worden van het leven. Na vijf of tien jaar hoor je nog steeds dezelfde riedels uit hun mond komen. Het schiet niet op. Ik vind ze saai.
Net als met die vriend die altijd zei dat hij klaar was. Als alles klaar is, wat rest dan nog? Nou, dat wist hij wel: voetballen kijken op tv. Ik heb de vriendschap opgezegd, want ik kon er niet meer tegen. Er ontstond geen nieuwe inspiratie meer, er was geen benieuwdheid meer, er waren geen verrassingen meer en er was sprake van een toenemende afgeslotenheid. Doei, dus, toedeloe!
Hoe is het mogelijk dat iemand zich zo zeer in de aard van het leven kan vergissen? Want persoonlijk ben ik er van overtuigd dat de verwerkingsprocessen nooit ophouden en dat er altijd weer nieuwe situaties zijn waarin acute emoties ons verwijzen naar oude pijn. Dat houdt nooit op. Maar juist als je dat hebt geaccepteerd in het leven, juist dan ontstaat er veel ruimte voor humor, plezier, geluk, gekte, creativiteit, onverwachte gebeurtenissen en andere welkome verrassingen. Een kwestie van écht leven, dus.
Als iemand geroerd is, is dat prachtig om te zien. Als iemand melancholisch is, dan zie ik zijn verlangens er doorheen. Als iemand huilt, denk ik: wat heerlijk dat alles stroomt voor hem of haar. Als iemand boos is, denk ik: zó, die durft ‘to the point’ te komen. Als iemand bang is, dan leg ik uit dat het leven bestaat uit het doen van enge dingen. Als ik zie dat iemand zich verveelt, dan benoem ik dat en vraag ik hem wat hij nodig heeft om weer in contact te komen met zijn fascinaties.
Want het gaat erom alles te verwelkomen wat er is, wat voor emoties of gevoelens ook maar. Anders ligt het levensproces stil. En het is ook van belang om alles te accepteren wat er in het hier en nu feitelijk aan de hand is. Anders ligt ook alles plat.
Pas dan en pas daarna kunnen we verder. Keuzes maken, onszelf toestemming geven om te zijn wie we echt zijn (met onze verlangens, natuurlijk), ‘ja’ zeggen tegen de juiste dingen en vooral ook ‘nee’ zeggen tegen andere dingen. Waar nodig grenzen aangeven, want anders hebben we geen leven.
Bron: Adriaan Hoogendijk, FD.nl